Pingel?

Een jongen stapt de tuin in en ziet een kat die op het punt staat om een duif te bespringen. De jongen wil in zijn handen klappen om de duif te redden, maar bedenkt zich dan:  “Als ik klap en de duif red is de duif wel blij, maar zal de kat boos zijn. De kat vindt dat hij recht heeft om de duif te grijpen en op te eten. Wat geeft mij het recht om hem daarvan af te houden? En als ik deze duif red, dan gaat de kat op zoek naar een andere duif. Dus het is in het belang van de andere duiven dat ik niet klap. En mag ik überhaupt wel klappen en ingrijpen in de natuur? Of is het zo dat ook ik, met mijn vrije wil, onderdeel van de natuur uitmaak?”  De Joodse schrijver Abel Herzberg gebruikte de vergelijking van de jongen, de kat en de duif niet om uit te leggen wat goed en fout is – deftiger gezegd, wat recht en onrecht is – maar om juist te laten zien dat recht vaak een kwestie van perspectief is. Wat recht is voor de een, is dat niet altijd voor de ander.

Mede hierom heb ik grenzeloze bewondering voor scheidsrechters. Op dat ene en beslissende moment het goede moeten doen. Met niet zelden een partij die zich tekort gedaan voelt en dat ook laat weten. Het is een misverstand om te denken dat foutieve beslissingen, zo die er al zijn, niet bij voetbal zouden horen. Ook verkeerde beslissingen horen bij het spel en geven het juist de dramatiek die erbij hoort. Ik ben vanuit dit perspectief dan ook niet voor het inzetten van bijv. video scheidrechters. Een belangrijk deel van de romantiek en heroïek, de evidente foute beslissing, wordt daarmee verbannen en dat scheelt alleen al veel plezier bij de nabeschouwing. Daarbij is het een illusie om te denken dat moderne technologie tot een objectivering van arbitrage kan leiden. Mogelijk nog een belangrijker argument is dat naar mijn mening bij een profwedstrijd dezelfde regels moeten gelden als bij een amateurwedstrijd. Alleen dan blijft het profvoetbal een aantrekkelijk voorbeeld voor de amateurs. Dus zolang amateurclubs zich nog geen doellijn technologie kunnen veroorloven, geen verschil graag tussen de regels in de Arena en ons Helikopterveld.

Bij respect voor de scheidsrechters hoort ook dat beslissingen worden geaccepteerd en dat het voor de mannen en vrouwen in het zwart ook een beetje aardig moet blijven om een potje te fluiten. Koninklijk gedrag in het veld en langs de lijn noemt onze eigen arbitrage commissie dat. Met als hoofdregel: de scheidsrechter heeft altijd gelijk, ook al heeft hij het niet. Daarin kunnen wij samen nog wel wat groeien.

En daarmee kom ik bij de aanleiding van deze column. Wat mogen we samen trots zijn op onze  scheidsrechterscommissie onder leiding van Frans Stijnman. Deze commissie weet al jarenlang via een prima organisatie, waarin plaats is voor vooruitstrevende initiatieven, te zorgen dat wij elk weekend kunnen beschikken over goede en voldoende scheidsrechters. Opleiding van jonge scheidsrechters speelt hierin een belangrijke rol. In dit kader volgen bijv. alle eerste jaars C-junioren (O-14) van HFC een opleidingsprogramma voor scheidsrechter, zodat elk jaar tussen de 80 en 100 kinderen de spelregels leren, leren leiden, en dan ook leren hoe lastig fluiten is. Of in je handen klappen.
Wanneer u zelf overweegt ook af en toe een wedstrijdje bij HFC te fluiten dan helpen we u graag; ieder seizoen in september start een korte opleiding in samenwerking met de KNVB bij HFC, na afloop wacht het certificaat Clubscheidsrechter. Het is daarna aan uzelf hoe vaak en wanneer u fluit.

Komt u komend weekend ook de scheidsrechters op HFC aanmoedigen? Er zijn er zo’ n 25 actief.

Dirk Jan Rutgers
Voorzitter Koninklijke HFC

 

 

Van de voorzitter overzicht