Koninklijke HFC omarmt het vrouwenvoetbal
Voetbalclub Koninklijke HFC wil in het seizoen 2029-2030, wanneer de club 150 jaar bestaat, met een eigen vrouwenteam in de Hoofdklasse uitkomen.
Om dat doel te bereiken is er dit seizoen gestart met selectieteams speciaal voor jonge voetbalsters. Daarmee biedt de Haarlemse club een platform voor speelsters met ambitie.
De club introduceerde twee nieuwe selectieteams: de Meiden onder-12 en de Meiden onder-17. Dat heeft alles te maken met de missie om ervoor te zorgen dat vrouwenvoetbal binnen de club én in de regio dezelfde status en hetzelfde imago krijgt als het mannenvoetbal nu heeft. “Met selectievoetbal bieden we meiden nu de kans om meerdere keren per week te trainen en begeleid te worden door gediplomeerde trainers en coaches”, zegt bestuurslid Bob Klijn.
De Koninklijke HFC heeft een grote reputatie als het gaat om het opleiden van jonge topvoetballers en draagt de status van Regionale Jeugdopleiding van voetbalbond KNVB. “Die status geldt voor onze hele club en is uniek in de regio”, zegt Klijn. “Alleen was onze opleiding nog teveel gericht op de jongens en mannen. Met de start van meisjesselecties willen we vrouwenvoetbal integreren in onze (jeugd)opleiding. Vrouwenvoetbal moet straks echt in het DNA van de club zitten. We weten bovendien dat er naar ons gekeken wordt als opleidingscentrum. Wie als meisje hogerop wil, kan bij ons terecht.”
Met onder anderen Mila Wegerif (Ajax/HFC) en Loet Klinckhamers leverde de Koninklijke al speelsters af voor Oranje onder 16. “Met grote regelmaat krijgen we belletjes van de KNVB met uitnodigingen voor speelsters”, glundert Klijn. “Dat willen we doorzetten, want we zijn niet voor niets een opleidingscentrum. Maar ook als club hebben we doelen. In elke leeftijdslaag willen we drie teams hebben om uiteindelijk ons hoofddoel, de Hoofdklasse, te bereiken. We zijn geen Ajax of AZ en het halen van de Eredivisie is niet ons doel. We willen juist tegen de rand van professioneel voetbal aanleunen. Voor ons is gezelligheid net zo belangrijk.”
Hoewel er bij de Koninklijke HFC wordt gesproken over een proces van jaren, verloopt de ontwikkeling van het vrouwenvoetbal bij de club sneller dan verwacht.
“We merken dat sinds de teams worden begeleid op een selectiemanier, de ontwikkelingscurve van de meiden veel steiler loopt”, zegt technisch coördinator Taco Stomps. “Dat kun je ook zien aan de resultaten.”
Prachtige reis
De Meiden onder-17 ploeg schrijft namelijk nu al geschiedenis door als eerste vrouwenteam van de Koninklijke HFC uit te komen in Divisie 1.
Trainster en coach Izabel Popal weet er alles van. Vlak voordat ze met haar team aan de training begint neemt ze ruim de tijd om over haar groep te praten. “We zijn met zijn allen bezig aan een prachtige reis. Hopelijk komen we op een hele mooie bestemming terecht”, zegt Popal.
Even is ze stil, waarna vervolgens een lach op haar gezicht verschijnt. “Het is bijzonder dat ik deel uitmaak van een stuk geschiedenis van de club”, vervolgt ze. “Ooit heb ik weleens uitgesproken dat het coachen van de meiden onder-17 te lastig voor me zou zijn en ik het liever niet deed. Inmiddels ben ik meer dan blij dat ik die stap tóch heb gezet. Met de onder-17 zijn we het eerste team van HFC dat op dit niveau meedoet. We doen het ook nog eens heel goed. Dat is niet niks. We maken echt gigantisch grote stappen dit seizoen.”
Volgens technisch coördinator Stomps speelden talentvolle en ambitieuze voetbalsters eerder vaak in een jongensteam als ze zich optimaal wilden ontwikkelen. “Dat gebeurt overigens nog steeds wel. Onze jongensopleiding is heel sterk. Wie als meisje daarin meekomt is uitzonderlijk talentvol en zit op Oranje-niveau”, zegt Stomps. “Maar op een bepaalde leeftijd willen en kúnnen meiden niet meer in een jongensteam voetballen.”
‘Oh, meidenteams’
Speelster Sjimmy Treffers (15) is blij dat die kans geboden wordt. Jarenlang speelde ze in een jongenselftal bij Geel-Wit, maar halverwege dit seizoen maakte ze de overstap naar de Koninklijke HFC. “Ik ben blij dat HFC dit doet. Hierdoor kunnen andere meiden nu ook hoger voetballen”, zegt ze. “Eerst was het altijd ‘oh, meidenteams’”, zegt ze met een alleszeggend toontje in haar stem. “Maar wij laten zien dat meiden ook echt goed kunnen voetballen en hopelijk zijn we daarin een voorbeeld. In onze omgeving en leeftijdsklasse zijn er namelijk maar weinig teams die op hoog niveau spelen.”
“Het zegt bovendien iets over ons team”, voegt Treffers toe. “Dat we met zijn allen hoog willen spelen, ons best willen doen. We zijn niet zomaar meiden die het niet aankunnen of zo. Wij willen echt bekendstaan als club en team die hoge doelen en ambitie heeft.”
Treffers is even stil en lacht: “Als meiden snappen we elkaar heel goed. Zowel op als buiten het veld. We maken dezelfde dingen mee, vinden dezelfde dingen leuk. Net als de mannen gaan we keihard de duels in, maar misschien is het met meiden onderling nog wel gezelliger.”
Handvaten
Trainster Popal, die al acht seizoenen actief is bij de Koninklijke en ook ervaring opdeed bij diverse jongensteams, zegt dat er veel herkenningspunten zijn. “Alles wat ik nu meemaak met de meiden, hebben we bij de jongens al eens voorbij zien komen”, zegt ze. “Doordat onze jongensopleiding zo goed staat heb ik nu de juiste handvaten om er iets moois van te maken. Het is heerlijk om gebruik te kunnen maken van die expertise en faciliteiten.”
Toch beseffen ze zich bij de club dat er nu meer van de speelsters wordt gevraagd. “Selectievoetbal is wel even iets anders”, zegt bestuurslid Klijn. “Kunnen de meiden het bijvoorbeeld opbrengen om de discipline te hebben én te houden, ook in de zware periodes? Er komt spanning en stress bij kijken. Want: zit je er volgend seizoen wel weer bij? Uiteindelijk willen ze allemaal door en verder groeien. Maar daarvoor moeten ze wel het juiste laten zien”, weet Klijn.
Ook Popal krijgt daar als trainster mee te maken. “Doordat we een regionale jeugdopleiding zijn wordt er anders naar ons gekeken”, zegt ze. “Het woord druk zou ik niet gebruiken, maar ik kijk wel altijd uit naar de wedstrijden. Ik houd van een uitdaging.”
Speelster Moxica (16) herkent dat wel. “Druk is er altijd”, zegt ze. “We hebben een grote groep. Je moet echt presteren om in de selectie te kunnen blijven spelen. Maar de druk voel ik eigenlijk niet zozeer”, zegt ze. “We doen als team gewoon waar we plezier in hebben, we helpen elkaar. Misschien is de druk daardoor wat minder. We kunnen alles met elkaar bespreken.”
Mooi soepje
Als trainster Popal gevraagd wordt haar team in een paar woorden te omschrijven verschijnt er een lach op haar gezicht. “Het is een mooi soepje van alles”, zegt ze. “Kwaliteit, inhoud en een mooie groep mensen erom heen. Aan mij als trainster is het de taak om daar een mooi geheel van te maken.”
Dat was volgens Popal nog niet gemakkelijk, want aan het begin van het seizoen had ze zo’n 25 speelsters klaarstaan voor een plek in de onder-17. “Ik had de luxe om te selecteren, er was veel te kiezen. Uiteindelijk heb ik de keuze gemaakt op basis van het spelsysteem dat ik graag wilde spelen. De speelsters die ik gekozen heb bleken ook de top van de groep te zijn. Samen met hen wil ik leuk en kwalitatief goed voetbal op het veld leggen. Het is een bijzondere groep meiden, die volgens mij ook vriendinnen voor het leven zijn. Ik heb inmiddels een speciale band met ze opgebouwd”, zegt ze.
Speelster Nina Marsman (15), beaamt dat. “We zijn een hechte groep”, zegt Marsman. “We spelen misschien wel anders dan de jongens, dat weet iedereen. Maar uiteindelijk is het dezelfde sport en lijkt het best op elkaar. In ons team loopt echt talent rond. Er zijn zeker speelsters capabel om Oranje te bereiken. Het zou mooi zijn als dat lukt”, besluit ze.
Bron: Haarlems Dagblad, dinsdag 15 april 2025
Tekst: Lisa Deen, foto's: Rob van Wieringen





