Pieter Winsemius

Sponsorborrel Koninklijke HFC – 29 januari 2016

“Je moet organiseren op crisis”

Het was weer gezellig druk in het clubhuis van HFC. Gastspreker van de avond was Pieter Winsemius (1942) die wellicht het meest bekend is geworden als minister van VROM (Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer – wie weet het nog?) in het kabinet Lubbers (1982) en het derde kabinet Balkenende (2006). Wie een gortdroog verhaal had verwacht van deze natuurkundige en bedrijfskundige hoogleraar, publicist en ex-politicus kwam bedrogen uit, want Winsemius is een vlotte verteller. Als voetballer bij het Haagse HVV en als “Ik wou dat ik uw benen had” marathonloper heeft hij zijn sporen op sportgebied verdiend. Maar hij is vooral een groot bewonderaar van het gedachtegoed van Johan Cruijff. En daar zijn mooie verhalen over te vertellen. Zie onder andere de boeken “Je gaat het pas zien als je het doorhebt” en “Toeval is logisch”, waarin Winsemius uitspraken van het orakel Cruijff en veel van de door deze voetballegende gebezigde uitdrukkingen analyseert en bespreekt en daarmee diens creatieve geest en intenties probeert te duiden.

Alvorens inleider Rick Claus de gastspreker mocht voorstellen, kregen Tom van Schaik en André van Regteren, beiden zowel sponsor als voetballend lid van HFC, de gelegenheid de aanwezigen erop te wijzen hoe nuttig en leuk het is om de zondagselectie te vergezellen op het jaarlijkse trainingskamp. Beide groepen trainen in een prettige omgeving, zoals bijvoorbeeld Torremolinos, alleen de selectiespelers wat harder dan de sponsors en ook de programma’s van beide groepen verschillen enigszins…

Rick Claus had uitgerekend dat dit de 175e sponsorborrel was, maar zover is het nog niet. Hij legde tevens uit dat de naam Winsemius verbonden was met het dorp Winsum, waarvan we er twee hebben: één in Friesland en één in Groningen. Hij hield het op Friesland. Er blijkt ook een Albert Winsemius Lane in Singapore te zijn, vernoemd naar Pieters vader Albert. Zo kregen de toehoorders een reis om de wereld in twee minuten. Er zijn er die er langer over gedaan hebben…

Winsemius had ooit als nederig minister “god” Cruijff om een interview verzocht. Toen bleek dat hij hem mocht bellen voor een afspraak en hij met enige schroom het nummer koos, hoorde hij aan de andere kant een bekende stem: “Ja, met Johan.” Johan Cruijff bleek gewoon een mens op aarde te zijn en gaf antwoord op de volgende vraag: wat is het verschil tussen een goede en een slechte voetballer?

Cruijff wees op drie cruciale eigenschappen: techniek, discipline en karakter. “Logisch”, zou je zeggen, maar Cruijff had daar zijn eigen uitleg bij. Iedere jandoedel kan leren een balletje hoog te houden. Als je dat honderd keer kunt, hoor je in een circus thuis en niet op een voetbalveld. Als je niet rookt, niet drinkt en op tijd naar bed gaat, heb je wel discipline, maar ben je nog geen teamspeler en als je met een 1-0 achterstand blijft knokken, ben je na afloop wel kapot, maar je hebt nog steeds met 1-0 verloren.

Deze antwoorden vroegen natuurlijk om nadere uitleg. “Kijk”, zei Cruijff. “Met techniek bedoel ik de bal één keer raken en drie meter vóór je medespeler passen. Als je dat niet kunt, ga dan maar weer balletje hoog houden en ga oefenen voor het circus. Met discipline bedoel ik dat iedereen ervan op aan moet kunnen dat jij je taak uitvoert. Niets meer en niets minder. En met karakter bedoel ik dat er in elk elftal drie spelers moeten zijn die niet in paniek raken bij een 1-0 achterstand. En jij moet een van die drie zijn. Als het fout gaat sta jij er!”

Op de vraag of je met zestien goede voetballers ook een goed team hebt, antwoordde Cruijff met een beslist ‘nee’. Dat bereik je alleen als er twee in het team zijn die nooit falen en als de beste man ook aanvoerder is. Bij paniek moet hij de bal hebben. “Je moet organiseren op crisis.”

Een aantal andere uitspraken zorgden voor toenemende vrolijkheid onder de aanwezigen. Bij Feyenoord werd geleerd dat een bal de verdediger mag passeren, dat ook de man de verdediger mag passeren, maar de man met de bal nóóit de verdediger mag passeren. En ‘John de Wolf brak harten en benen’. Op speelveldjes moest de grootste kneus altijd op doel staan. ‘Keepers zijn dan ook als het jongere broertje van de beste midvoor begonnen’.

Het dankwoord van Rick Claus werd onderbroken door een rinkelende telefoon. Claus nam op: “Met Rick Claus.” “Ja, met Johan”, klonk de stem van Cruijff door de luidspreker, die meteen even kwam vragen of die Winsemius alles wel goed had uitgelegd. Even later begon ook de donkere bromstem van Frank de Boer zich met de telefonische discussie te bemoeien. Toen iedereen door elkaar ging praten verbrak Claus de verbinding.

Het laatste woord was aan Pieter Winsemius zelf. Volgens hem is de meest indrukwekkende uitspraak van Johan Cruijff “elk nadeel heb zijn voordeel”. Toen Cruijff 14 jaar was overleed zijn vader en toen hij 34 was overleed ook zijn stiefvader. Hij heeft daar erg veel verdriet over gehad, want met beiden had hij een geweldige warme band. Maar hij troostte zich met de gedachte dat hij op die manier niet één, maar twee paar ogen had die hem vanuit het hiernamaals volgden. “En zo zie je”, zei Cruijff, “ieder nadeel heb zijn voordeel.”

Bert Vermeer

Foto's:  Robert van Koolbergen

2015-2020 overzicht