Philip Scheltens

Sponsorborrel Koninklijke HFC – 27 mei 2016

Ouder worden is een risicofactor

Deze keer krijgt de Koninklijke HFC bezoek van prof. dr. Philip Scheltens, directeur van het Alzheimer Centrum VUmc in Amsterdam. Onderwerp van zijn causerie zal zijn dementie en de ziekte van Alzheimer. Wat het verschil tussen beide is zou hij later uitleggen. Maar eerst is het woord aan inleider Henk Uildriks die onderstreept dat de ambitie van professor Scheltens ligt bij het bereiken van het doel om dementie behandelbaar te maken. Door de zich steeds verbeterende gezondheidszorg worden we steeds ouder, met als bijkomend nadeel dat de dood dementie vaak niet meer vóór is.

Ook HFC ontsnapt niet aan dit fenomeen, aldus Uildriks. De club heeft 1250 jeugdleden en die vergeten veel minder dan de rest, want die vergrijst. Overigens is het volgens hem zo dat kinderen de hersens van hun vader hebben, want moeder heeft haar eigen stel. Nee, de mannen moeten het vanavond ontgelden, want Uildriks stelt dat, in geval van erectie, er voor de man niet genoeg bloed over blijft om ook nog maar één hersencel te activeren.

Scheltens waardeert geamuseerd de speelse inleiding, maar waarschuwt de toehoorders: “Veel leuker dan dit wordt het niet, hoor.” Vervolgens legt hij het verschil uit tussen dementie en Alzheimer. Dementie is de overkoepelende term voor het verlies van alles wat je tot mens maakt, vooral van cognitieve vaardigheden en Alzheimer is de meest voorkomende vorm daarvan. Dr. Alzheimer was een Duitse geleerde naar wie deze ziekte is vernoemd. Het ouder worden is een risicofactor voor dementie, wat zich meestal uit in de vorm van de ziekte van Alzheimer. Zoveel is geconstateerd dat de oorzaak altijd een eiwitziekte is, waartegen pas vanaf 1993 medicijnen op de markt zijn die helaas maar een beetje helpen.

Bij jongere mensen – de jongste uit de praktijk van Scheltens was pas 31 jaar – is de oorzaak altijd deze eiwitziekte. Bij ouderen spelen naast eiwit ook andere factoren zoals suikerziekte, hoge bloeddruk en een hoog cholesterolgehalte een belangrijke rol mee. Het regelmatig eten van vette vis, vers en gevarieerd fruit en verse groente is, zeker op hoger leeftijd, dan ook van eminent belang.

Wanneer moet je beginnen met onderzoek? Feit is dat 25 tot 30% van de mensen aanleg heeft tot Alzheimer. Het vroegste teken van de aanwezigheid van dit Alzheimereiwit is sinds kort te constateren via een scan van het netvlies (retina). Dat houdt in dat een veel ingrijpender hersenscan vermeden kan worden. Tekenen voor beginnende Alzheimer zijn gedragsveranderingen zoals luidruchtig gedrag, vergeetachtigheid en desoriëntatie.

Alzheimer kan erfelijk zijn, want er zijn gens die dit veroorzaken. Het is dus een genetische risicofactor, maar gelukkig wel zeldzaam voorkomend. Deze eiwitziekte zorgt ervoor dat hersencellen afsterven en hersenen zijn heel moeilijk te bereiken via geneesmiddelen. Cellen maken wel weer bot aan en herstellen huidbeschadigingen, maar hersencellen herstellen geen aangedane hersenen. Voor afgestorven hersencellen worden geen nieuwe aangemaakt.

Bij oudere mensen doet zich na een ingrijpende operatie vaak het verschijnsel ‘delier’ voor. Deze kan zich uiten in de vorm van verwardheid, angst, hallucinaties en/of onrust, vooral als de patiënt al latent een beginnende vorm van Alzheimer heeft. Een delier maakt deze onderliggende ziekte manifest. De vraag is dan of zo’n operatie wel zinvol is. Daar is Scheltens positief over: altijd doen, want 30% wordt inderdaad beter en de rest heeft toch al Alzheimer.

Na deze interessante en serieuze kost volgt, onder het dankwoord aan de inleider, de overhandiging van de cadeaus. Welke ben ik vergeten.

Bert Vermeer

2015-2020 overzicht