Peter R. de Vries

Sponsorborrel Koninklijke HFC – 25 maart 2016
Van kruimeldief tot crimefighter

Op de avond van Goede Vrijdag was misdaadjournalist Peter R. de Vries de gastspreker op de maandelijkse sponsorborrel van de Koninklijke HFC.

Na de aankondiging dat er op 18 juni aanstaande in het clubhuis van HFC een grote haringparty voor sponsors zal plaatsvinden stelde HFC’s nieuwe hoofdtrainer Ted Verdonkschot zich aan de aanwezigen voor. Gastheer Henk Uildriks memoreerde dat Verdonkschot, na Ted Immers, de tweede Ted zal zijn die als hoofdtrainer van HFC is aangesteld en voegde daar veelbetekenend aan toe dat onder de eerste Ted HFC twee keer kampioen is geworden. Verdonkschot begreep de boodschap…

Alvorens Peter R. de Vries in te leiden stond Uildriks stil bij het recente overlijden van Johan Cruijff, die ooit in de jaren 1985-1988 technisch directeur was van Ajax. HFC speelde in die periode een oefenwedstrijd tegen Ajax die de Amsterdammers met 17-1 wonnen. Cruijff baalde geweldig van die twee tegentreffers. “Twee, Johan?” “Ja, want je moet die fout meetellen.”

Volgens Uildriks had de R van Rudolf in de naam van De Vries ook kunnen staan voor ‘rebel’. De Vries beaamde dat, want dat criminele zat er bij hem al van jongs af aan in. Zo is hij in zijn jeugd dikwijls zonder te betalen het Olympisch Stadion binnengeglipt om Ajax te zien spelen en heeft hij ooit iets bij V&D uit een bak gejat, wat de aanloop was voor zijn carrière van kruimeldief tot crimefighter. Overigens is het met V&D daarna nooit meer goed gekomen…

Ook het feit dat zijn vader directeur van een kruitfabriek was, bleek een teken aan de wand. Als journalist bij De Telegraaf rolde hij dan ook al gauw de misdaad in. Deze keer echter aan de goede zijde van het slechte pad... In deze hoedanigheid heeft hij de opkomst van de grote criminaliteit meegemaakt. Toenmalig commissaris van de Amsterdamse politie, Gerard Toorenaar, vertelde de Vries – toen nog leerling-journalist - dat het gros van de misdaden draait om de twee K’s. “De twee K’s, meneer?” “Ja, jongen. De kut of de knaak.”

Ooit deed De Vries een poging om voorzitter van Ajax te worden. Hij legde het af tegen Rik van den Boog. Dat vindt hij nog steeds jammer. “Ik had me als crimefighter in elk geval nuttig kunnen maken tussen de helft van crimineel Amsterdam in het stadion”, zei De Vries met een knipoog.

Waar put je de meeste voldoening uit, was de vraag. “Ach, je moet het zo zien: criminaliteit zit in alle lagen van de bevolking. Ik noem dat de vier ‘P’s: professor, politicus, pooier, prostituee. Maar de oplossing van de Puttense moordzaak en de vrijspraak van de ten onrechte veroordeelde zwagers heeft mij veel goed gedaan. Ik heb zeven jaar lang alles gedaan om deze rechterlijke dwaling aan de kaak te stellen. Aan deze zaak zijn in die jaren 44 televisieprogramma’s gewijd.” Het meest frustrerende zijn voor hem natuurlijk onopgeloste moordzaken van tien, twintig jaar oud, die waarschijnlijk nooit tot klaarheid gebracht zullen worden.

Hoewel De Vries zich uit hoofde van zijn beroep als misdaadjournalist geregeld in criminele kringen beweegt, kent hij geen angst. Hij is wel alert. “Als je bang bent kun je beter bij de Libelle gaan werken. Een operatie door een chirurg met trillende handen loopt meestal ook niet goed af.”

Wat is de volgende onthulling, wilde Uildriks weten. “Nou, die wil ik je wel vertellen, maar dan moet ik je daarna doodschieten.” Dat ging zelfs Uildriks een beetje te ver...

Bert Vermeer

2015-2020 overzicht