VRIJWILLIG SCHOUDERKLOPJE

In 1962 stapte ik in de vrijwilligerswereld. Als jeugdtrainer bij mijn eerste voetbalclub, WVV in Winschoten. En kwam meteen in de jeugdcommissie. Ik werd begeleid door Engel Wubs, een plaatselijke notabele. De altijd drie-delig grijs dragende man die Klaas Nuninga, Jan Mulder en Arie Haan de wreeftrap aanleerde. Mijnheer Wubs kwam nooit verkleed op het veld. Wel deed hij de broekspijpen bij de sokken in. “Steunbeen naast de bal, het lichaam er boven en na het schot de tenen naar beneden”. Tijdens het WK in 1978 in Argentinië liet Arie Haan de wereld twee keer, tegen Duitsland en Italië en vanaf zo’n 35 meter, zien dat Engel Wubs een fantastische, vrijwillige leermeester was. De keepers Sepp Maier en Dino Zoff hadden geen schijn van kans. Zie YouTube.

 

Bij mijn clubs Forward in Groningen en de Koninklijke HFC in Haarlem heb ik tot op heden mijn vrijwillige inbreng voortgezet. Uiteraard steeds minder intensief naar gelang de leeftijd het nog toelaat. Desalniettemin verwarde ik vrijwillig nimmer met vrijblijvend. Want vrijwilligers werk is ook gebaseerd op een vorm van commitment. Van afspraken nakomen. En juist daarin blinkt de Koninklijke HFC uit. Waar de 24-uurs economie en de ‘ik-samenleving’ in vele delen van Nederland en in diverse sectoren hebben geleid tot een schreeuw om vrijwilligers, steunt het bestuur van HFC op een legioen van zo’n 400. In alle soorten en maten, voor welke functie ook. Een toonbeeld in Nederland. Een journalist zei mij eens: “Ik heb mij nogal verdiept in de historie van HFC. Wat mij opviel is dat jullie nimmer een noodkreet hebben geslaakt over een gebrek aan vrijwillige inzet”.

Vrijwillig is een merkwaardig woord. Vrij is los, ongebonden. En liefde. Willig is min of meer het tegenover gestelde. Namelijk bereid zijn iets te doen dat gevraagd wordt. Zonder vergoeding. Op dat moment vervalt het woord vrij. Je doet namelijk de klus in het verband van het geheel, het ver-enigd-zijn. Ongetwijfeld met eigen inbreng en inzicht, maar wel met een verplichtend karakter. Niet vrijblijvend dus. En heel vaak tot eigen en andermans genoegen. En de ‘bijverdienste’ is niet geld, maar nieuwe contacten, nieuwe vriendschappen, nieuwe inzichten, leermomenten, waardering en heel soms zelfs een huwelijk. Bart Blankenaar zei ooit tijdens de huwelijks plechtigheid “Ja” tegen zijn vrouw Pum, “maar ik ben wel al getrouwd met HFC”.

Het mooie is dat je af en toe een schouderklopje krijgt. Wie is daarvan niet gediend. Op 1 juli a.s kunnen we elkaar dat klopje geven. Tijdens de vrijwilligersavond. En uitdelen. Bijvoorbeeld aan de geweldig functionerende, vrijwillige bestuurs- en commissieleden die onze club rijk is. Maar ook, hoe paradoxaal dat wellicht klinkt, aan het legioen professionals, vooral trainers. Betaalde krachten die met hun inzet en kennis het vrijwilligers werk vergemakkelijken, verbeteren, waardevoller maken. Zij doen klussen die je tegenwoordig niet meer van een vrijwilliger kunt verlangen. Al doe je de broekspijpen bij de sokken in. Structureel, kennis en tijd vergend. Een verantwoordelijke (deeltijd)baan. Ook dat legioen verdient ons schouderklopje.

Henk Uildriks,
Breed geschouderd.

 

 

Nieuws Overzicht