Géén HFC – Jong Sparta (althans niet op 5 december)

Maar wél iets over ons clubverband

Aan het eind van de thuiswedstrijd tegen Kozakken Boys stonden twee HFC-supporters legaal opgesteld achter de archeologische resten van het fameuze hek aan de zijde van de Spanjaardslaan: Raphael Braakhuis en, een eindje verderop, een onbestemde man.
Raphael juichte hard toen Mehmet Yüksel in de dying seconds alsnog de gelijkmaker scoorde.

De onbestemde man wilde ook juichen, maar stootte zijn hoofd tegen een ijzeren, dus vrij harde, paal. De man liep hevig bloedend in het donker terug over het fietspad van de Spanjaardslaan richting villa Zuiderhout op weg naar zijn auto.

Op ongeveer hetzelfde moment dat Gertjan Tamerus zijn briljante oneliner aan het Haarlems Dagblad verstrekte (“Donker, nat, geen publiek en een schijtgoal tegen”), stapte een jonge HFC-er, 17 jaar, van zijn fiets af bij de strompelende man op het fietspad en vroeg hem of het wel ging. Ja, het ging goed volgens de man en hij hoefde geen hulp.
Maar de jongen, Julian van Ooijen, was allerminst overtuigd door de woorden van de man en pakte sua sponte zijn mobiel om een ambulance te bellen.

Verder teruglopend, voegde de eerder genoemde Raphael Braakhuis zich bij het tweetal. Op een bankje hebben ze de ambulance afgewacht. Raphael belde de vrouw van de man om haar gerust te stellen.
Nadat de ambulancebroeder het hoofd van de man omzwachteld had en terloops tactisch gevraagd had of hij ouder dan 52 was, hebben ze de man naar het ziekenhuis gebracht en daar is alles goedgekomen.

Toch geweldig zoals twee goede HFC-ers in de bres schieten voor een hun onbekende HFC-supporter.
Zo stond het Blauw en Wit weer eens Fier Bovenaan, ditmaal letterlijk Aan Onze Spanjaardslaan.

En ik kan het weten, want die man was ik.

Willem Padt, met dank aan Julian en Raphael.

Nieuws Overzicht