Haagse Voetbal Vereniging 125 jaar
Wanneer ik niet in Haarlem zou zijn geboren maar in Den Haag, waarbij ik aanneem dat mijn vader dan ook in Den Haag gewoond zou hebben, dan zou ik ongetwijfeld lid zijn geworden van HVV. Wat hangt het leven toch van toevalligheden aan elkaar! Ik heb altijd een zwak gehad voor die mooie Haagse club die midden in het chique Benoordenhout ligt. Een unieke plek, vergelijkbaar met de Spanjaardslaan. Ook HVV speelt al meer dan 100 jaar op hetzelfde veld.
De historie van de club begon op het Malieveld in 1883, waar oprichter Jaap van Stolk zijn club Olympia noemde. Niet lang daarna werd de naam vanwege een fusie gewijzigd in ’s-Gravenhaagsche Football Club en in 1889 werd het HVV. In hetzelfde jaar werd op initiatief van Pim Mulier samen met HVV de Nederlandsche Voetbalbond opgericht. De meeste voetballers, en vooral Pim Mulier, deden toen ook nog aan atletiek en de bond heette dan ook NVAB, waarbij de A voor Atletiek stond. In 1895 werd de A alweer uit de officiële naam geschrapt, zeer tot ongenoegen van Mulier.
In 1898 verhuisde HVV van het Malieveld naar de huidige plek aan de Van Hogenhoucklaan. Op het Malieveld was het in die tijd ook al veel te druk; er werden weliswaar toen geen demonstraties gehouden, maar alle voetbalclubs claimden een stukje van het veld en dat trok veel publiek. De grond behoorde toe aan het Ministerie van Financiën en de minister zegde op een gegeven moment de huur op. HVV moest dus op zoek naar een nieuw stuk grond. De club had toen ook al veel Haagse notabelen in het ledenbestand en dezen kwamen elkaar wekelijks tegen in de Nieuwe of Littéraire Sociëteit ‘De Witte’. Met de pet in de hand werd door het bestuur een bezoek aangevraagd bij baron van Brienen van den Groote Lindt, eigenaar van het landgoed ‘Clingendael’, om te vragen of hij soms een stukje grond overhad voor de voetballers. De baron was het bestuur goed gezind en willigde het verzoek in op één voorwaarde: hij wilde vanuit zijn huis het gedoe van de jongelui niet kunnen zien en zeker niet kunnen horen.
In 1898 werd aan de rand van het landgoed een stuk grond toegewezen aan de voetballers van HVV. Ook de baron kon zich vinden in deze plek. Weliswaar woonden daar de jachtopzieners, maar dat was een gelukkige bijkomstigheid: zij konden dan een oogje, of desnoods een geweertje, in het zeil houden. De huisjes van de jachtopzieners staan nog steeds langs de rand van het huidige veld. Zij zijn inmiddels eigendom van HVV en geven het veld die typische uitstraling die het op dit moment nog steeds heeft.
Het veld lag midden in de weilanden; van bebouwing zoals nu was nog lang geen sprake. Den Haag hield op bij de Javabrug en Koninginnegracht. Niet veel later kwamen de bekende rood-witte kleedkamers en de tribunes langs het veld te staan. Rood en wit waren indertijd de kleuren van Olympia, hoewel de voetballers in die tijd in het blauw speelden. In 1893 werden de officiële clubkleuren geel en zwart, maar aan de kleuren van de accommodatie werd nooit meer iets veranderd.
Het ging goed met HVV; de club heerste in het Nederlandse voetbal en werd maar liefst tienmaal kampioen van Nederland. Voor de laatste keer was dat in 1914 in een fameuze wedstrijd tegen Vitesse uit Arnhem. Bij de Arnhemmers stond Just Göbel, onze nationale doelman in die tijd, op het doel. Vlak voor tijd maakte Göbel een fatale fout waardoor jonkheer de Serrière de winnende goal kon maken. Voetbal was toen nog een sport waarin de adel zich ook naar hartenlust uitleefde. Het tiende kampioenschap van Nederland gaf HVV het recht om met een ster op het shirt te spelen. Lange tijd is daar niets mee gedaan, maar het huidige bestuur kwam in het archief deze bondsregel tegen en heeft deze onderscheiding weer ingevoerd. HVV, tweede klasse West II (*), speelt dan ook sinds het seizoen 2007/2008 weer met een ster op het shirt. Verder staat HVV, als het om het aantal kampioenschappen van Nederland gaat, nog steeds vierde op de ranglijst aller tijden. Daar kan HFC niet aan tippen! Ajax heeft wat dat betreft inmiddels 29 titels in de wacht gesleept, PSV 21 en Feyenoord 14. Ook deze drie clubs spelen met twee respectievelijk één ster op het shirt.
Op 12 mei 1904 speelde HVV de nationale bekerfinale thuis tegen HFC. HFC won met 3-1. Bij HFC was Eddy Holdert de grote man en bij HVV speelden Tony Kessler en Dirk Lotsy mee. Net als bij HFC had HVV veel Nederlandselftalspelers. In totaal speelden 23 HVV’ers ooit in Oranje van wie Law Adam, van de bekende schaar, wel de beroemdste is. Adam speelde elf maal in Oranje. Mr. dr. J.H.H. Kessler is met 21 wedstrijden de recordinternational van HVV.
Op de ledenlijst van HVV kwam je sinds de oprichting altijd bekende Nederlanders tegen. Minister Kan, de vader van Wim, was lid van de Groote Haagsche, maar ook de onlangs overleden soldaat van Oranje, Erik Hazelhoff Roelfzema. Ook het koningshuis kwam regelmatig langs op de Diepput. Koningin Emma, Prins Hendrik, Koningin Juliana, Prins Bernhard en Prins Claus kwamen allen naar HVV, dan wel naar de cricketclub HCC kijken. Prins Hendrik was geen echte voetbalfan, maar bij zijn bezoek aan de competitiewedstrijd tussen HVV en Willem II in 1914 werd wel een koninklijke loge voor hem ingericht op het dak van het clubhuis; een sky box ‘avant la lettre’. Na de wedstrijd die met 8-0 door HVV werd gewonnen, betichtte de prins de HVV-spelers van onsportiviteit: zij hadden de tegenstander wat meer aan de bal moeten laten.
Momenteel zijn Cedric van der Gun en Jean Paul Saeys de bekendste voetballers van HVV. Beide HVV’ers spelen nu nog steeds in de eredivisie bij respectievelijk F.C. Utrecht en Roda JC. Ook Boudewijn de Geer beleefde een mooie carrière in het betaalde voetbal. Marnix van der Gun, broer van Cedric, speelde één jaar bij HFC Haarlem, maar kwam door blessures niet verder in het betaalde voetbal.
Anno 2009 is HVV net als HFC een gezonde vereniging met 950 leden, van wie 700 jeugdleden. Ook HVV promoveerde naar de tweede klasse en doet het net als HFC goed in die hogere klasse (*). Het zou leuk zijn als deze twee Koninklijke oudjes op een vrije zondag eens tegen elkaar zouden spelen. Ik denk dat het sinds de bekerfinale van 1904 niet meer gebeurd is, terwijl wij toch zulke goede banden met elkaar hebben. In de jaren vijftig speelde de jeugd van beide clubs afwisselend in Den Haag en Haarlem het dr. Van Moorsel Toernooi, maar ook die uitwisseling is ter ziele gegaan. Gelukkig is de draad weer opgepakt. De A1-elftallen van HVV en HFC speelden op 3 januari 2009 de voorwedstrijd aan de Spanjaardslaan van de traditionele wedstrijd van HFC tegen de Ex Internationals.
Beide clubs vieren dit jaar hun jubileum, HVV 125 jaar en HFC 130 jaar. Wat een ervaring, wat een traditie, wat een historie. Dit mag nooit verloren gaan. Hup lui, doe je best en druk een punt!
Ruud Onstein
(*) Aan het eind van het seizoen 2008/2009 promoveerde HVV via de nacompetitie naar de eerste klasse (red.)











